8. Openbaar vervoer en verkeer

 

In het GroenLinks Verkiezingsprogramma voor de gemeenteraad 2018 staat vermeld:
Voorrang voor de fiets en duurzaam busvervoer.
Ook op andere terreinen als elektrisch rijden, autodelen, schoon vrachtvervoer (slimme bevoorrading) en het autoluw maken van het centrum is nog veel winst te boeken.

Ik moest even terugdenken aan mijn jeugd hier in Drachten. Mijn juf op de kleuterschool leerde ons het liedje “op een klein stationnetje” en vertelde erbij dat we binnenkort ook in onze woonplaats een echte trein zouden krijgen met een bijbehorend station.

Natuurlijk werden wij (mijn klasgenootjes en ik) daar heel enthousiast van.

Nu, ruim 45 jaar later hebben we echter nog steeds geen treinverbinding en nog steeds wordt daar in de (gemeentelijke) politiek vaak over gesproken.

Eigenlijk heb ik mij er al bij neergelegd dat de trein in Drachten er niet zal komen.

Dit betekent uiteraard niet dat we het openbaar vervoer in Smallingerland maar moeten vergeten. Juist voor een gemeente als de onze waar veel forenzen wonen en er een groot buitengebied met dorpen zijn, is het belangrijk dat er een goed netwerk van openbaar vervoer is.

Wanneer we aan een groene en milieuvriendelijke toekomst willen werken, moeten we investeren in een goede verbinding (en daarmee in een goede bereikbaarheid en toegankelijkheid) van wijken en dorpen naar het centrum en de werkplek.

Dit komt de leefbaarheid van het wonen in Smallingerland ten goede en veel mensen ervaren dit ook als een eerste vereiste ten aanzien van hun leefomgeving.

Ik kan mij nog goed de verontwaardiging herinneren die er in verscheidene dorpen (onder andere Oudega) toen vorig jaar busmaatschappij Arriva de dienstregeling veranderde ten nadele van deze dorpen. Verschillende mensen kwamen in opstand omdat de jeugd niet meer naar de verschillende scholen in bijvoorbeeld Drachten of Leeuwarden konden komen.

Zonder aan de “heilige koe” van de inwoners van Smallingerland te willen komen, moeten we toch na gaan denken over hoe we in de toekomst ons verplaatsen. Daarom is het goed om de inwoners een alternatief te bieden voor de auto. Zit de oplossingen in de toekomst in meer uitvalswegen (A7 en N31) of in een slimmere manier van vervoer? Wat mij betreft in het laatste.

Om naar een meer duurzame manier van vervoer te komen, moeten we immers eerst met vervangende maatregelen komen. Om de ontsluiting van wijken en dorpen te stimuleren zullen we moeten kijken naar een duurzame manier van verplaatsing van mensen en goederen. Het alternatief zit ‘m onder meer in uitbreiding van de stadslijnen, maatwerk in aanrijdtijden van de bussen en stimuleren van het fietsgebruik. Positieve maatregelen werken ook in dit geval beter dan negatieve.

Laten we dit vooral ook in samenwerking met andere plaatsen en gemeenten in ons land doen. De problemen in Smallingerland zijn namelijk niet uniek maar wel urgent.

Collectieve aanpak van grensoverschrijdende problematiek werkt vaak veel beter dan individuele oplossingen die slechts voor een enkeling werkt.

Daarom sluit ik deze blog af met de tekst van een populair liedje uit de jaren ’90: “eventjes geduld nog, want het busje komt zo”.

Paul van Dijk

Meer lezen over GroenLinks en openbaar vervoer en verkeer:

 

Raadsleden

Lucienne Meinsma
fractievoorzitter

Peter Lesterhuis
raadslid

Nicole ter Doest
fractievertegenwoordiger

Vind ons ook op

GroenLinksSmallingerland DEF 100